Verhaal

Het huis Aarninkhof Marke Hasselo

Auteur: 
Jo Niks uit Oet de Boerschopn nr.78 Zomer 2001

Het Huis Aarninkhof Marke Hasselo

In de vorige aflevering heeft u kennis kunnen maken met “De Aarninkhof het belangrijkste”goed in de Marke Hasselo in de 16e, 17e en 18e eeuw. De bewoners van het huis droegerl zoals uit de erfsoheiding van 1740 blijkt, hun eigen naam. Dan woont op het 'huis' Sebastiaan ene Ter Horst en op de boerderij Lubbert de heer Aarninkhof en zijn vrouw Elsken, zoon Jan en dochter Hendrina. Uit de volkstelling van 1795 zien we dat de bewoners van het huis nu zijn Hendrik Bussink met zijn vrouw Hendrina en dienstbode Swenne. Op de boerderij woont nu BerentAarninkhof met zijn vrouw Ziena Brinkhuis afkomstig uit Woolde. Dan is ook het brouwhuis bewoond en wel door G.Bussink-Brouwhuis met zijn rnouw Ale. Deze laatsten hadden eenvoudige de naam van het brouwhuis gekregen.

Bij de erfscheiding van1740 wordt het huis van de boerderii gesplitst en gaat de betekenis van het gehele hof sterk achteruit. Wanneer deMarkerichter G.D. Palthe op 21 november 1807 de eigengeërfden van de Marke oproept om voor een holtink samen te komen op “Het Aarninkhof” of Bussinkhuis, wordt de voorkeur van de bewoners van het huis, om zijn huis Bussinkhuis te noemen duidelijk zichtbaar. Het verslag van deze holtink spreekt ook van het Bussinkhuis. Deze holtink was tevens de laatste die op het huis gehouden werd. Omstreeks 1812 is het met het huis afgelopen en wordt het afgebroken. Het erf handhaaft zich nog een aantal jaren. In een verslag van een noodgerichtg gehouden den 23e november 179O,lezen we dat ingevolge de publicatie van de jagt,van de 24e septernber 1790 'sodanen Borgeren te Oldenzaal, wonenende in het schout- of rigter-ambt waar in Oldenzaal gelegen is, tenminste tot de waardije van Duisent Ducaten gegoedet zijnde, sullen ín dat schóut of rigterambt, voor haar personen jagt mogen exerceren'(uitoefenen). 

Tot deze gegoede erven behoort in de Marke Hasselo alleen het erve Aarninkhof. Dit gegoede erve, dat in 1760 werd opgemeten bestond uit31 percelen grond met een totale oppervlakte van ruim 10.000 roeden. Dit is ongeveer 100 bunder of hectaren. Elk perceel grond wordt met name genoemd en zo bezitten wij hiervan de volgende veldnamen: den Dunsselakker, den Ham met een deel van den Druijs, den Bandeler, het Bruggenstukke, den Noordkamp, de Warftoen, het lukke Lae, het Sugtoenstukkg de Bruitbree, het Bloemstukke, den Gaarden bij 't Huis, den Bretelaar, het Stegenstukke, het vierde Hoekstukke, de korte Bree, de Kruk, de grote Kuijle, de kleine Kuijle, het Bakenstukke, den Brootakker, den Reuverkamp, de Eschmaat, de kleine Beurentelgt, het voorste Sellenbroek, Het Wegstukke, de Bree, de grote Beurentelg, het agerste Sellenbroek, de Weijde en de Duivenbree.

Genoemde namen hadden alle betrekking op de Aarninkhof. ook de andere erven in de Marke bezaten samen heel veel percelen en dat betekent eveneens dat de Marke vele veldnamen rijk was. Het ontstaan en de betekenis van een aantal van deze namen is nog niet duidelijk en verlangt een nader onderzoek. (*1)

Op 12 maart 1836 is Johannes Aarninkhof bij de verkoop van het plaatsje “Olde Aarninkhof” ook genaamd Zellenbroek, aanwezig. In 1868 vraagt Jannes Aarninkhof aan de burgemeester van Weerselo om een gedeelte woeste grond te mogen ontginnen en er een nieuw huis te bouwen. In 1869 heeft dit huisgezin de plaats verlaten en het nieuwe huis H53 betrokken. Het oude huis wordt afgebroken en een schuur die op “de Aarninkhof “ stond wordt verplaatst naar het erve Geerdink thans Grotenhuis. In de zomer van1977 werd ook deze schuur (zie tekening), met de grond gelijk gemaakt en daarmee is “de Aarninkhof” geheel verdwenen. Wat echter niet verdwenen is, is de naam “Aarninkhof”. Dezenaam wordt nog door meerdere bewoners in onze omgeving gedragen.

Jo Niks 1976.

*1) Zie: " De Veldnamen van Weerselo”, een boekwerk met teksten en kaarten.

Reacties

Onderdeel van het thema: