Verhaal

De laatste vlucht van vier Noorse Spitfire-piloten

Auteur: 
Martin Klaassen: Zij kwamen bij dag en bij nacht. Uitgave Stg.Heemkunde Albergen. ( met toestemming om op MSMD te plaatsen)

Op woensdag 29 december 1944 stegen rond tien uur 's morgens vanaf een vliegbasis bij het reeds bevrijde Woensdrecht, twaalf jachtvliegtuigen van het type Supermarine Spitfire op. Ze waren van het Noorse no. 331 Squadron (Royal Norwegian Air Force, RNAF) en hadden de opdracht een gewapende verkenning uit te voeren boven Duits gebied, in de omgeving van Rheine. Drie van deze Spitfires van het type MK IX B kwamen die morgen neer in de gemeente Tubbergen. We plaatsen hier het verhaal over de derde spitfire die neerkwam op de hoek Agelerweg/Wolfsbergweg in Reutum.

De derde Spitfire die op deze woensdag neerkwam was de "FN-R" van Sgt Vilhelm Nicolaysen. Hij vloog een van de zeven Spitfires die vroegtijdig terug moest keren vanwege technische problemen. Op de terugweg naar Engeland kon hij zijn toestel met het serienummer PL-217 niet meer in de lucht houden een motorprobleem. Gerard Maathuis uit Reutum fietste die morgen tussen elf en half twaalf over de Agelerweg en zag drie jachtvliegtuigen naderen. Eén daarvan verloor opeens snel hoogte en gleed naar beneden. Dit toestel maaide bij de molen van Kleissen de kruinen uit enkele dennen en vloog vervolgens recht op Maathuis af. Meteen sprong hij van zijn fiets en zocht een goed heenkomen in een sloot. De jager vloog langs hem heen en raakte de aarden wal aan de andere kant van de weg. Tegen de helling van die wal werd het vliegtuig als het ware weer gelanceerd. Het toestel kwam tenslotte een eind verderop in een perceel heide van boer Weiden tot stilstand. Gerard Maathuis klauterde weer uit de sloot en zag in de verte dat de cockpitkap werd geopend en er een piloot uitsprong. Maathuis rende naar het vliegtuig toe en probeerde de piloot duidelijk te maken dat hij naar een dichtbij gelegen dennenbosje moest lopen, richting het kanaal. Want hij wist dat er bij de molen van Kleissen Duitsers gelegerd waren. De vlieger begreep Maathuis en liep onmiddellijk in de richting van het bosje.

Duitsers misleid

Toen Maathuis enkele minuten later terug was op de Agelerweg bij zijn fiets, zag hij uit de richting Reutum al een Duitse vrachtwagen naderen. Ze ontdekten de Spitfire en reden in volle vaart door. Spoedig kwam de vrachtwagen terug en stopte naast Gerard Maathuis. Ze hadden de neergestorte jager gevonden en vroegen hem waar de piloot gebleven was. Maathuis antwoordde hun dat hij boven Ootmarsum de vlieger er uit had zien springen. En daar ging de vrachtwagen weer, als de weerlicht op Ootmarsum aan. Hierdoor kreeg Nicolaysen meer tijd om weg te komen. Ook Gerard Maathuis maakte zich snel uit de voeten. Geruime tijd later kwamen de Duitsers terug en zochten de omgeving af maar vonden geen piloot.

Spitfire gestolen

Na daarop volgende twee dagen sloopten de Duitsers de zware motor, de bewapening en instrumenten uit het toestel. Daarna verlieten zij de plaats van de crash. Boer Weiden die in de buurt woonde en de eigenaar was van het heideveld, besloot de jager met behulp van paard-en-wagen zelf maar te bergen. Weiden sleepte de Spitfire mee naar zijn boerderij en zette het Britse jachtvliegtuig op het erf neer als een bezienswaardigheid. Begin januari 1945 doken de Duitsers weer op bij het heideveld en zagen dat de jager verdwenen was. Meteen zochten ze de omgeving af en vonden het toestel op het erf van boer Weiden. De laatste kwam daardoor in grote moeilijkheden. Maar gelukkig bleef het bij geschreeuw en liep het incident voor boer Weiden met een sisser af.

Op de vlucht

Hoe verging het Sgt Vilhelm Nicolaysen? Richting het dennenbosje lopend, ontdekte hij een boerderij. Hier woonde de familie Borgreve. Hendrik Borgreve stond buiten en zag de piloot naderen. Hij nodigde hem met gebaren uit binnen te komen. Nicolaysen weigerde echter. De Noor wilde verder omdat hij zich nog in de nabijheid van het vliegtuig bevond en het niet lang zou duren of de Duitsers waren ter plaatse. Nicolaysen maakte Borgreve nog wel duidelijk dat hij graag een "Cap" (pet) wilde hebben. De boer gaf hem het gevraagde hoofddeksel en tevens ook een paar boterhammen met een kom melk. De Noorse vlieger dronk de kom melk leeg en nam de boterhammen aan en ging vervolgens weer op pad, dwars door de weilanden.

Ondergedoken

Later die middag zag Gerard Oude Oosterik uit Weerselo de Noorse vlieger bij het kanaal lopen. Oude Oosterik had kennissen bij het verzet en wist wel hoe hij hem kon helpen. Tevens had hij thuis enkele onderduikers ondergebracht en had nog wat schuilplaatsen vrij. Hij haalde Nicolaysen op en nam hem mee naar zijn boerderij. Daar verborg hij de Noor op zolder. Gerard bracht de nieuwe onderduiker die avond wat te eten. Eén van de andere onderduikers vroeg hem waar hij met het voedsel heen ging. Gerard antwoordde dat de hond en de kat ook wat moesten hebben. Vier dagen later kreeg Nicolaysen een landkaart van een van de verzetsmensen die geregeld bij Oude Oosterik over de vloer kwamen. Op die kaart was een route aangegeven naar Almelo. De Noor werd voorzien van burgerkleding en ging met de kaart op weg. De verzetsmensen hadden hem mondeling een adres meegegeven in Almelo waar hij zich moest melden.

Vriendinnetje

De vlieger arriveerde zonder problemen in Almelo en melde zich op het adres van de familie Kluppels aan de Biezenstraat. De familie was reeds ingelicht en had reeds voorbereidingen getroffen. “Nico” zoals de familie hem noemde, bleef twee weken bij de familie Kluppels. Gedurende die periode raakte de Noor bevriend met de dochter, Dini. Eind januari 1945 werd “Nico”verkleed als vrouw en door Dini naar Henk Hofstede in Rijssen gebracht. Daar bleef hij twee dagen en ging toen naar "Tante Kee" Jansen in Nijverdal. Hier bleef hij ondergedoken tot de bevrijding in april. Gedurende zijn verblijf in Nijverdal zagen Nicolaysen en Dini Kluppels elkaar geregeld.

Verongelukt

Na de bevrijding moest Nicolaysen zich melden bij zijn squadron en werd het contact verbroken. Later zijn ze echter met elkaar gaan corresponderen en zelfs heeft de Almelose in 1946 nog een bezoek aan Noorwegen gebracht en hem ontmoet. Maar in 1951 sloeg het noodlot toe. Nicolaysen verongelukte met een vliegtuig op een vlucht van Schiphol naar Oslofjord in Noorwegen. Bij de ramp kwamen behalve de gewezen oorlogsvlieger, nog 10 andere inzittenden om het leven.

Reacties