Verhaal

De Aloysiusschool te Weerselo

Auteur: 
Fennie Holter uit Oet de Boerschopn nr. 120 Winter 2011

Zoals wij gezien hebben in het voorgaande, was de Stiftsschool de enige school in Weerselo. In het begin van de vorige eeuw bedroeg het leerlingenaantal in de winter 140 à 150. Dat was een onhoudbare toestand en dus begon de gemeente in 1917 beraadslagingen om tot de bouw van een tweede openbare school te komen.

 

Bij raadsbesluiten van 6 aug. 1917 en 14 mei 1918 werd besloten om grond aan te kopen ‘op de Belt’ voor de bouw van een vierklassige openbare school met onderwijzerswoning [het was n.l. regelmatig voorgekomen dat meesters van de Stiftsschool vroegtijdig weer vertrokken omdat ze geen woning konden vinden (in de andere marken overigens ook)]. Door gebrek aan financiën werd die aankoop over twee jaren gespreid, maar in 1918 werd toch al opdracht gegeven aan architect Hartman uit Enschede om bestekken, tekeningen en een begroting te maken. Op 4 mei 1920 was de aanbesteding en de bouw werd voltooid op 15 april 1921.

Gebouwd als openbare, ingewijd als r.k.-school

Intussen had het bestuur van de Remigiusparochie niet stilgezeten. Zij stelden alles in het werk om een r.k.-school te stichten. Vanaf 1806 was het in principe al mogelijk om bijzondere scholen op te richten, maar deze werden niet door de overheid gesubsidieerd, dus was het een zeer moeilijke opgave. In het dekenaat Almelo was al opgemerkt dat er aan de katholieke opvoeding van de schoolgaande jeugd op de openbare scholen wel veel schortte, in de 26 gezinnen werd daar namelijk te weinig aan gedaan. Op 9 nov. 1920 sprak de deken in een brief aan de Aartsbisschop zijn zorgen daarover uit. In dat jaar was de Wet op het Bijzonder Onderwijs aangenomen en op 22 november ontving het kerkbestuur toestemming van het aartsbisdom om in de nabijheid van de kerk een r.k.-school te stichten. Pastoor Van Aken met zijn kerkmeesters bedachten zich kennelijk geen moment, want al op 26 febr. 1921 berichtte de Twentsche Courant dat zij bij de Gemeente Weerselo hadden aangevraagd om de nieuwgebouwde vierklassige school te kunnen overnemen. Snel werk, mogen we wel zeggen.

Zo was ook de afwikkeling. Want op 18 april berichtte de gemeente aan het Ministerie van O.K.W. dat zij voornemens was de nieuwe school over te dragen aan het r.k.-kerkbestuur, en reeds de volgende dag telegrafeerde de Commissaris van de Koningin dat er een gunstig advies van Gedeputeerde Staten was uitgegaan betreffende de schooloverdracht. Tegenwoordig gaan die zaken niet meer zo snel! En zo kon het dus gebeuren dat een op 15 april als openbare school opgeleverd gebouw op 2 mei werd ingewijd als r.k.-lagere school. Kassa, in modern Nederlands. Maar zo was het niet. De school was dan weliswaar wel gemeubileerd, maar voor leermiddelen was er nog geen geld, dat heeft het kerkbestuur moeten voorschieten.

Het eerste schoolhoofd was meester Wijfker

Meester G.J. Wijfker was het eerste schoolhoofd, hij was de vader van wijlen Jan Wijfker, een bekend lid van onze vereniging. De meesterswoning was nog niet klaar, meester Wijfker kwam de eerste tijd met de motorfiets uit Zelhem, waar hij daarvoor had gewerkt. De woning was door de gemeente voor ƒ 450,-- per jaar verhuurd aan het kerkbestuur. Het huis was slecht gebouwd. In 1930 wilde meester Wijfker het huis kopen. Na veel geharrewar in de gemeenteraad over de voors en tegens mocht hij het huis kopen voor ƒ 6000,--, terwijl de stichtingskosten tien jaar daarvoor ƒ 20.713,-- waren geweest. Wat een waardedaling. Hij wilde het huis hebben om het te kunnen uitbreiden, want het was veel te klein.

Gesteggel van overheidswege

Al het gesteggel over de school in jaren daarna getuigt van weinig inzicht bij het Ministerie, de gemeente en misschien ook wel het kerkbestuur. In 1925 bleek de school al te klein, in 1928 werd een aanvraag ingediend voor 2 of 3 lokalen meer. Het werden er twee. De hygiëne was slecht, er waren weinig toiletten, er was geen water in de school, alleen een pomp buiten. De toiletten loosden op een gierkelder, die af en toe werd leeggepompt. Voor een grote boodschap mochten de kinderen die in de buurt woonden, wel even naar huis; anderen gingen naar Klein Haarhuis of ‘Smids Jans’; die uit het Binnenveld naar ‘’t huuske bie de smid’ of elders, niet altijd met goedkeuring van bewoners. De financiering van het onderwijs door de gemeente is jarenlang problematisch geweest. Oorspronkelijk waren de kosten van het Openbaar Onderwijs (er waren nog maar twee r.k.-scholen in de gemeente) maatgevend, maar het was appels met peren vergelijken, want elke school was weer anders: Saasveld had b.v. al snel centrale verwarming, doch toen er een poos twee lokalen leegstonden, kon daar de verwarming niet worden uitgezet, wat een scheef beeld gaf bij de vergoeding per leerling. Wie het hele financiële verhaal wil lezen, wende zich tot het boekwerk ‘De St. Aloysiusschool door de jaren heen’, dat is verschenen bij het 75-jarig bestaan; het zou te ver voeren om dit hier allemaal uit de doeken te doen, vooral omdat de overheidsregels over de jaren ook nog al eens werden veranderd.

Ansichtkaart uit de jaren 20 van de vorige eeuw. De Kerkstraat heet nu Remigiusstraat.

Een nieuw gebouw met veel gebreken

Jarenlang waren er klachten over het gebouw. Er werd niet goed schoongemaakt, stof van krijt, van de kolenkachels (die niet altijd goed functioneerden), het grind op de speelplaats. In 1949 werd de betegeling buiten uitgebreid, in 1954 komt er een fietsenhok en meer tegels, het gevangenenhuisje verdwijnt, de Ittersbergstraat (vroeger Kluppelstraat) werd volgebouwd, er kwam een afrastering. In 1957 werd het verplicht waterleiding te hebben. Er waren ook nog steeds kolenkachels en houten vloeren. In 1962 ging een grote renovatie van start: stoelen en tafeltjes in plaats van schoolbanken; C.V. met ketelhuis; WC’s; nieuwe riolering; een personeelskamer; keukentje; kantoor; leermiddelenberging; linoleum op de vloer. Dit laatste bleek funest, want de planken vloer kon niet meer ademen en begon te rotten. De kelder bleek niet waterdicht. Nog een leuke anekdote over die vloer. Om de vloer te ontzien moesten de kinderen viltzolen dragen onder hun schoenen. Maar daar kwamen veel glijpartijen van, met allerlei ongelukjes, zodat dat weer snel werd afgeschaft.

Groeiend leerlingenaantal

In 1971 kwam er een kleuterschool, het oude gebouwtje werd een handenarbeidlokaal. Intussen bleef het leerlingenaantal groeien en er werd toestemming gevraagd om het huis van Wijfker af te breken en daar twee noodlokalen neer te zetten. In 1972 kwamen er verkennende besprekingen: hoe nu verder, je kunt maar niet doorgaan met noodlokalen neerzetten. De inspecteur achtte bovendien de kans op afkeuring van het oude schoolgebouw waarschijnlijk, omdat er volgens deskundige prognoses op korte termijn een 12-klassige school noodzakelijk zou zijn. Er is nog even nagedacht over twee 6-klassige scholen, om het onderwijs zo dicht mogelijk bij de leerlingen te brengen, maar men zag hier toch ook weer van af, ook al omdat men op de bestaande locatie de kleuterschool kon integreren. Nog een poos is er toch een derde noodvoorziening geweest in het parochiezaaltje.

Uitbreiding en modernisering

Op 12 augustus 1974 nam de gemeenteraad een belangrijke beslissing: er zou een geheel nieuwe 9-klassige school worden gebouwd op de oude lokatie, geïntegreerd met de bestaande kleuterschool. Het terrein zou worden uitgebreid met een deel van de achtertuinen van huizen aan de Bisschopstraat en het pand Wijfker; een flexibel, maar stevig gebouw, rekening houdend met toekomstige ontwikkelingen; drie units van drie lokalen met een grote aangrenzende ruimte; veel werkruimte en dus weinig (verloren) loopruimte; vloerverwarming; mogelijkheid om in de toekomst evt. uit te breiden in dezelfde stijl. Voorwaar, een drastische breuk met het geklungel in het verleden. De kinderen werden zolang ondergebracht in een noodschool achter het Trefpunt (sport- en zalencentrum) en toen begon in 1977 de sloop van de oude school en de woning van meester Wijfker. Op 26 mei 1978 werd de eerste steen gelegd door de heer G.J. Grobben, voorzitter van het schoolbestuur, en burgemeester W.L.G. Schelberg ‘herlegde’ de eerste steen van 1920. Op de eerste schooldag na de Kerstvakantie in 1979 werd de school in gebruik genomen met allerlei feestelijkheden, en de officiële opening vond plaats op 9 maart van dat jaar.

Bouwkundige problemen, er was altijd wat

Al spoedig kondigden zich bouwkundige problemen aan. Je zou zeggen dat de school onder een slecht gesternte staat, of misschien wel de scholen in Weerselo in het algemeen, er was altijd wat. Deze keer bleek de vloerbedekking blaren te vertonen, de boeiborden gingen ook blaren trekken, en de vloerverwarming werkte niet goed, geen egale warmteverdeling, en in het algemeen te heet. Het heeft een jaar of tien geduurd - met veel elkaar de schuld geven van bouwers, leveranciers, toezichthouders en wie al niet - totdat alles naar tevredenheid was opgelost. De speelplaats moest op advies van de inspectie open zijn, zodat kinderen er na schooltijd ook nog konden spelen. Er kwamen echter na verloop van tijd zoveel klachten van omwonenden, over vernielingen en overlast, dat er in 1995 een stevig hek omheen is geplaatst. Dit leverde natuurlijk weer protesten van ouders op, de kinderen konden nu nergens meer terecht, maar helaas. Het schijnt altijd zo te moeten te zijn dat een kleine groep vervelende mensen het kapot maakt voor de goedwillenden. Er was altijd gebrek aan leermiddelen, dat moest kennelijk altijd de sluitpost zijn bij de financiering. Nog in 1960 waren er in de derde klas geen rekenboekjes, de sommen werden op bord geschreven uit een oud schrift uit 1936. Leesboeken waren lange tijd nog in de oude spelling, en waren met de pen verbeterd.

Aloysius, waar komt die naam vandaan?

Wie de naam van de school heeft bedacht is niet bekend. In 1979 waren er lieden die de naam wilden veranderen omdat die zo moeilijk te spellen was en bijna niemand wist wie die heilige was. Uiteindelijk werd toch besloten tot handhaving van de naam, onder andere vanwege de traditie. Maar wie was dan nou die heilige? Een Italiaan, zoon van een markgraaf uit de omgeving van het Gardameer, geboren in 1568. De familie was rijk en van hoge adel. Zijn vader wilde hem opvoeden als erfprins met alle eigenschappen van dien, zoals de krijgsdienst. Maar de jongen bleek uit ander hout gesneden. Toen hij negen jaar oud was, weet hij zijn vader ervan te overtuigen hem toestemming te geven in een klooster in te treden. En na een aantal jaren in de ‘wereld’ besloot hij, ook al vanwege een slechte gezondheid, in 1585 in te treden bij de Jezuieten. Tegen de zin van zijn vader, want bij die orde zou hij geen carrière kunnen maken voor een hoge kerkelijke functie. Hij bood zich aan voor de minst gewaardeerde werkzaamheden, en bij het uitbreken van de pest ging hij voor de zieken zorgen. Dit werd hem fataal, in 1591 stierf hij aan die gevreesde ziekte. Hij werd in 1726 heilig verklaard en uitgeroepen tot patroon van de studerende jeugd.

De Uil: symbool van wijsheid of domheid?

Bij de oude school stond een beeld van een uil, met uitgespreide vleugels, in de voortuin. De uil is al vanaf de klassieke oudheid het symbool van de wijsheid. Maar veel Twentenaren zagen dat anders, een uil stond voor domheid. Dus werd mijnheer uil naar een plaatsje rechts achter naast het gebouw verhuisd. Maar bij het in gebruik nemen van de nieuwe school is het beestje in ere hersteld, en staat weer te pronken, voor iedereen zichtbaar. Over de kerkgang en het met de hele klas ter biecht gaan is ook al geschreven in de vorige artikelen, ik wil niet in herhalingen vervallen, maar één anekdote wil ik de lezers niet onthouden. Er was een jongen in de biechtstoel. Tot grote schrik van de andere kinderen vloog ineens met groot lawaai het deurtje aan zijn kant open en de jongen kwam naar buiten stormen, meteen achtervolgd door de pastoor. Er volgde een wilde jacht door de kerk, totdat de belhamel de kerkdeur wist te bereiken en er vandoor ging. Hij heeft zich het hele jaar niet vertoond in de kerk….

Fennie Holter

Bronnen:

‘Het bracht leven op het Stift’, uitgegeven t.g.v. de sluiting van de Stiftschool, juni 2001

‘De St. Aloysiusschool door de jaren heen’, uitgegeven t.g.v. het 75-jarig bestaan van de school

‘H. Remigius door de jaren heen’, uitgegeven t.g.v. het 25-jarig jubileum van de nieuwe kerk in 1991 Archiefmateriaal beschikbaar gesteld door Gerrit Welberg

Foto’s van een maquette van de schoolomgeving in de 20-er jaren van de vorige eeuw, gemaakt ten tijde van het jubileum van de Aloysiusschool, beschikbaar gesteld door Jos Kemme, ex-leraar van die school

Reacties

Onderdeel van het thema: